De geluksketting

| Jun 17, 2024 min read

Er was eens een klein meisje genaamd Lize. Lize was drie jaar toen beide ouders overleden. Ze had haar opa en oma nooit gekend en haar ouders waren enig kind, net als zij; ze had dus ook geen ooms en tantes.

Lize is nu tien en ze is nooit naar school gegaan maar toch kan ze alles al helemaal zelf. Ze woont in het bos in een kleine boomhut. Ze heeft daar alles wat ze nodig heeft, nou ja: dat denkt ze….

Het enige wat ze nog nodig heeft is een vriendje om mee te spelen. Op een dag ging ze het bos in, besjes zoeken voor bij het ontbijt. Ze was heel lang aan het zoeken maar kon nergens een besje vinden.

Lize verging bijna van de honger en ze stopte vlak voor het meertje. Daar zag ze een meisje die ongeveer even oud was als zij. “Hoi, ik ben Lize, hoe heet jij?” vroeg ze aan het meisje.
    “Ik ben Merel, leuk je te ontmoeten!”, antwoordde het onbekende meisje.
    “Kan jij mij helpen met besjes vinden voor het ontbijt?” vroeg Lize.
    “Ik ben ook al heel lang eten aan het zoeken, maar ik vind helemaal niets!” antwoordde Merel.
Toen pas merkte Lize dat Merel huilde. “Wat is er Merel?!” vroeg ze bezorgd.
    “Ik heb al twee dagen niets te eten en te drinken gehad en ik heb echt heel veel honger en dorst…”
    “O jee, zullen we samen uitzoeken wat er aan de hand is en daarna naar mijn huisje gaan?”
    “Ja, heel graag!” zei Merel blij, “Wil je mijn vriendin zijn?”
    “Ja leuk!” antwoordde Lize.

Samen gingen Merel en Lize op pad. Na een uur viel Merel over een grote steen.
    “Gaat het?!” riep Lize.
    “Ja, ik heb geen pijn, maar kijk!”
Merel wees naar een blokhut. Het zag er eng en verlaten uit. Merel en Lize liepen er naar toe en klopten aan. Uit het huisje kwam gehuil. Er deed een vrouw open van ongeveer 30 jaar oud.
    “Wat wil je!?” riep ze boos met tranen in haar ogen.
    “Hallo mevrouw, wij zijn Lize en Merel en wij vroegen ons af wat er aan de hand is…”, vertelde Merel stoer.
    “Sorry dat ik net zo boos deed, maar ik ben mijn dochter kwijt en er is ook nog eens niets te eten in het bos. Ik wilde mijn huis opknappen en met bloemen versieren, maar bloemen zijn nergens te vinden. Mijn man is op vakantie en ik kan hem niet bereiken.”, zei de mevrouw en ze huilde nu nog harder en viel op haar knieën. “Dit was allemaal nooit gebeurd als ik mijn geluksketting nog had… Ik ben de ketting verloren vlakbij het meer in het midden van het bos.”
    Merel en Lize keken elkaar aan. Ze dachten allebei hetzelfde: We moeten nu onmiddellijk naar het meer!

Toen Merel en Lize bij het meer aankwamen zagen ze de ketting liggen. Bij de ketting stond een meneer die net weer wegliep. Merel en Lize renden naar de ketting toe en raceten weer terug naar de blokhut. De mevrouw deed haar ketting om en meteen werd iedereen weer vrolijk en het bos werd weer mooi.

De dochter van de mevrouw kwam aanrennen met een lekkere appeltaart maar het belangrijkste was: Merel, Lize, de mevrouw en de dochter van de mevrouw leefden nog lang en gelukkig!